De chemo van vorige week dinsdag heeft nog steeds een verlammende uitwerking op mijn lichaam en dus ook op mijn doen en laten. Daarnaast ben ik in de ban van een soort griep, met hoesten, veel snotteren en een lusteloos gevoel. En die combinatie maakt dat ik mij zo gammel als een gans voel, mijzelf daardoor voortdurend in de weg loop en de slechtste dagen doormaak sinds de start van mijn behandeling. De dagelijkse injecties voor het opwekken van de stamcellen gaan gewoon door.
Elke dag is het twee keer “feest”. Ik knijp de huid samen en Nel zet de naald er in. Woensdagmiddag lopen we nog even langs het strand, Nel moet mij hiervoor bijna letterlijk de auto in duwen en maakt een mooie foto van een verlaten strand.
Donderdag moet ik mij voor het eerst in het ziekenhuis melden om te kijken of er voldoende cellen zijn om te oogsten. Om 08.15 uur (!) zijn we de eersten op de afdeling Hematologie. Ik voel mij nog steeds erg gammel. Het zoveelste buisje bloed wordt afgenomen. Nu is het een kwestie van wachten op de uitslag. Ruim een uur later krijgen we te horen dat er helaas nog onvoldoende witte bloedstamcellen zijn gevormd om te kunnen oogsten. Ik krijg in een soort koelbox twee nieuwe spuiten mee en het verzoek om mij morgenochtend weer te melden.
Eind van de middag krijg ik thuis een enorme pijn in mijn rug. Nu heb ik het wel eens vaker in mijn rug, maar nooit dit. Wel is het zo dat – volgens het boekje – de groei van de stamcellen gepaard gaat met “hevige botpijnen”. Ik heb er die nacht in ieder geval niet van kunnen slapen.
Vrijdagochtend zijn we weer om 08.15 uur op Hematologie. Na een slechte nacht voel ik mij nog steeds alles behalve fit. Buisje bloed afnemen en daarna wachten, dit keer anderhalf uur.
Maar gelukkig niet tevergeefs. “We kunnen gaan oogsten”, laat de verpleegkundige ons weten. Een half uur later lig ik op de Hemaferese-afdeling en wordt in mijn rechterarm een ferese naald en in de andere arm een infuusnaald ingebracht. Via allerlei slangetjes word ik aan het ferese-apparaat gekoppeld, waar even later het bloed in loopt. In dit apparaat worden de verschillende bloedcellen van elkaar gescheiden en worden de stamcellen verzameld. De rest van het bloed gaat vervolgens, via de infuusnaald, weer terug naar mijn lichaam. Wat een wonder dat zoiets bestaat! Na drie uur is de klus geklaard en kan het zakje met de stamcellen naar het laboratorium om te worden onderzocht en ingevroren tot de daadwerkelijke stameltransplantatie plaats gaat vinden. Ben ik even blij dat ook deze fase (Fase B van mijn behandelplan) weer achter de rug is. We krijgen nog een kopje soep en zijn om 15.00 uur weer thuis.
De dagen die volgen zijn wat betreft mijn fysieke gesteldheid niet beter dan begin deze week. Zeker zaterdag is een dieptepunt, ik lig meer in bed dan dat ik op de been ben. Echt waardeloos!
Zondag mag ik stoppen met de extra dosis medicijnen die ik de afgelopen tien dagen moest slikken vanwege de bijwerkingen na de laatste chemo. Scheelt toch mooi iedere dag 10 tabletten en een heel smerig drankje (4x daags).
De volgende stap is komende woensdag. Dan heb ik weer een voortgangsgesprek met de behandelend arts, krijg ik de uitslag van de body-scan en hoor ik hoe het vervolgtraject (Fase C van mijn behandelplan) er uit gaat zien.
Hai Nico en Nel,
wel erg heftig allemaal, gelukkig hebben ze cellen kunnen oogsten! Hou de moed erin allebei!
Veel liefs ven Tjeerd en Kees